N-VA geeft toe dat 100.000 Antwerpenaren in een ‘ongeschikte woning’ leven

"Als het zo is, dat vandaag 100.000 stadsgenoten in een ongeschikte woning leven, dan zou er een Code Rood van start moeten gaan in de stad. Dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan, en zou er een Marshallplan voor het woonbeleid moeten worden afgekondigd." Zegt Peter Mertens in een interpellatie over het dodelijke ontploffing op de Paardenmarkt (gemeenteraad van maandag 29 januari 2018).

Beste burgemeester,

In de krant van 26 januari dit jaar zegt de woordvoerder van schepen van Wonen Fons Duchateau (N-VA) dat een verplicht conformiteitsattest voor woningen “geen oplossing” is. De discussie barstte los naar aanleiding van de dramatische ontploffing op de Paardenmarkt. Toen bleek dat het OCMW wel degelijk signaleerde dat het pand “in zeer slechte staat” was. Dat er sprake was van “vuil, kakkerlakken, een gebroken raam, een opgebroken plafond, en een huurwaarborg die cash moest worden betaald”.

Wij pleiten al langer voor verplichte conformiteitsattesten. Dat eisten we ook al ten aanzien van het vorige stadsbestuur. Zoals u weet bestaat het conformiteitsattest al lang. Bijvoorbeeld bij de sociale verhuurkantoren. Maar ook als je een huurpremie aanvraagt bij de Vlaamse overheid, is zo’n attest nodig. Het is een keuringsbewijs voor de technische installaties, het risico op CO-vergiftiging, de vochtproblematiek, het sanitair, de verluchting en andere minimale normen. Zoals een auto wordt gekeurd, zo zou ook een woning moeten gekeurd worden. Maar uw woordvoerder noemt dat “geen oplossing”.

En dan volgt een bijzondere redenering. “Als we morgen attesten gaan vragen voor alle huurwoningen, staat 100.000 man op straat.”, zegt de woordvoerder in de krant. Dat is heel bijzonder. Want wat betekent dat? Betekent dat, dat vandaag 100.000 Antwerpenaren een woning huren die ‘ongeschikt’ is om in te wonen? Vanaf 15 strafpunten op het conformiteitsattest wordt immers een ‘ongeschiktheid’ uitgereikt, en zodra er veiligheids- en gezondheidsrisico’s zijn wordt het pand ‘onbewoonbaar’ verklaard. Als het zo is, dat vandaag 100.000 stadsgenoten in een ongeschikte woning leven, wat technische installatie betreft, wat sanitair betreft, wat minimale oppervlaktenormen betreft, wat vocht betreft, dan zou er een Code Rood van start moeten gaan in de stad. Dan zouden alle alarmbellen moeten afgaan, en zou er een Marshallplan voor het woonbeleid moeten worden afgekondigd.

Maar men kan toch niet zeggen: “100.000 mensen wonen in een ongeschikte woning, maar wij vragen geen conformiteitsattest, omdat het te veel woningen betreft.” Dat is echt onverantwoord.

Waarom gaan er zo weinig middelen naar een betaalbaar en kwaliteitsvol woonbeleid?

Het cijfer van 100.000 komt overeen met de resultaten van het Grote Woononderzoek, die ik vorig jaar hier in de gemeenteraad bracht. Dat de helft van de huurders op de ‘private markt’ een woning betrekt van ‘onvoldoende kwaliteit’.

“Het woonprobleem is niet alleen meer een probleem van de armste groepen. Het is een groeiend probleem voor heel veel mensen. Eén op drie Antwerpenaren heeft financiële problemen door te hoge woonkosten. Eén op drie! Daarnaast heeft de helft van de huurders op de private markt in Antwerpen een woning ‘van onvoldoende kwaliteit’. Dat blijkt uit het Grote Woononderzoek.”, dat zei ik hier in november vorig jaar. 

Dat was tijdens de begrotingsdiscussie. Ik vroeg u toen waarom er zo weinig geld gaat “naar de doelstelling om Antwerpenaren een kwaliteitsvolle woning te doen vinden”. Slechts 13 procent van alle middelen van het beleidsdomein ‘woonstad’ gaat daar naartoe. “Dat is niet op maat van de problemen, dat is niet op maat van de uitdagingen.”, zei ik toen.

Op al die vragen bleef het toen stil. Heel stil.

Van drieduizend naar duizend controles per jaar

Er is een wooncrisis hier in Antwerpen, en die wordt niet au sérieux genomen. Dat was ook al zo bij het vorige stadsbestuur, maar de situatie wordt erger.

De helft van de private huurders woont in een woning van onvoldoende kwaliteit. Bij één vijfde van de panden gaat het om structurele problemen, waarbij grote renovatie of afbraak en nieuwbouw nodig is. Opnieuw: deze cijfers zouden alle alarmbellen moeten laten afgaan. Maar wat gebeurt er onder dit stadsbestuur? De controles op woonkwaliteit verminderen met één derde. Van drieduizend naar duizend controles per jaar. En dat terwijl men zelf aangeeft dat er ondertussen 100.000 mensen in een woning leven die de toets van een conformiteitsattest niet kunnen doorstaan.

Bij de hervorming van stadstoezicht werd woontoezicht toegevoegd aan de grote groep 'stadstoezichters', de mensen die 24 op 24, 7 op 7 inzetbaar moesten zijn en waarvan de werkuren centraal gepland werden. In het verleden planden de woontoezichters hun eigen werkdagen in en werkten ze enkel op kantooruren met glijdende werkuren.

Dat systeem werkte zeer goed. In oktober 2016 kregen ze te horen dat ze mee met de buurttoezichters in uniform de straat op moesten om GAS-PV's uit te schrijven, en dat ze van een flexibel systeem op maat van de werknemer moesten instappen in een flexibel uurroostersysteem op basis van de noden van de werkgever. “Ze willen ons allemaal hyperflexibel maken: op de tram zouden we dan lijntoezichters moeten zijn, als we afstappen mogen we als buurttoezichter nog snel een GAS-boete uitschrijven voor sluikstorten, en daarnaast zouden we ook nog eens woontoezichter moeten zijn. Dat gaat dus niet. Zo verdwijnt ook alle specialiteit en ervaring.”, zegt een woontoezichter ons.

Resultaat: in oktober 2016 waren er twaalf woontoezichters, van die twaalf zijn er vandaag nog 2 over. Sinds 2017 zijn er vier in opleiding. Nu worden er wel tijdelijk vijf architecten van de woonkantoren ingezet, maar die kunnen dan ondertussen hun job niet doen.

Verbetenheid in controles tegen sociale fraude, laissez-faire in controles woningmarkt

Als ik vandaag lees met welke ijver en gebetenheid de schepen van Wonen, tevens OCMW-voorzitter, de controles op sociale fraude wil opvoeren, dan merk ik twee maten en twee gewichten. De schepen wil zelfs private firma’s inhuren om de sociale fraude op te sporen. Wat een verschil met de controles op de woningmarkt. Daar vind je niets van die verbetenheid, van die gedrevenheid en ijver om controles door te voeren. Twee maten en twee gewichten.

Met een boutade zou ik kunnen zeggen: “rechts moet kiezen: de wooncrisis aanpakken of de kop in het zand steken met een laissez-faire-beleid.”
Er bestaat een lijst van panden waarvan de eigenaar een cash-huurwaarborg vraagt aan de verhuurder. Het is niet normaal dat huurders hun waarborg cash moeten betalen. Deze panden worden terecht als verdacht beschouwd. Maar wat gebeurt er met die lijst? Worden er op deze panden extra controles uitgevoerd? Gaat dit stadsbestuur de controles op woonkwaliteit terug opvoeren? Gaan er systematisch gecontroleerd worden, bijvoorbeeld om de woningkwaliteit van die 100.000 Antwerpenaren die nu in een ‘ongeschikte woning’ wonen, te controleren? Vanaf wanneer zijn de nieuwe woontoezichters ook echt operationeel? Is het de doelstelling om de skills in het team van de woontoezichters terug aan te trekken en de dienst verder uit te bouwen?

Dat zijn mijn vragen. Omdat we lessen moeten trekken uit de dramatische gebeurtenissen op de Paardenmarkt. Omdat we de wooncrisis eindelijk ernstig moeten nemen, en van betaalbaar en kwaliteitsvol wonen een topprioriteit moeten maken. Omdat we een verschuiving nodig hebben in het stadsbudget om dat mogelijk te maken.

 

Doe je mee?