Antwerps klimaatplan: wie betaalt de mooie ambities?

Het Antwerps stadsbestuur stelde met veel toeters en bellen haar nieuwe klimaatplan voor. Van een ‘ambitieuze modal split’ over een echte ‘stoomboot’ tot ‘zonnecoöperaties’, het plan leest als een verlanglijst van elke klimaatactivist. Maar volstaan die ambities? Is het plan ook realistisch? En vooral: wie gaat dat betalen? Volgens de PVDA blijven belangrijke vragen open staan.

Positieve ambities

Eerst de cijfers. Volgens de klimaatwetenschap zouden de emissies van geïndustrialiseerde landen als België met zeker 60 procent moeten dalen tegen 2030 om de opwarming van de aarde binnen de perken te houden. Het is dan ook positief dat Antwerpen haar klimaatambities verhoogt. De stad krikt jaar achterhaalde doelstelling van 40 procent op tot 50-55 procent, maar blijft zo wel onder wat klimaatwetenschappers aanbevelen. Antwerpen heeft nochtans de troeven om een internationale voorloper te worden.

Bovendien zit de evolutie van de emissies van broeikasgassen in Antwerpen niet goed. Sinds 2016 gaat de uitstoot van CO2 opnieuw in stijgende lijn, in plaats van te dalen. Het stadsbestuur lag al uit de koers om de oude doelstelling van 40 procent tegen 2030 te halen. Om de nieuwe doelstelling van 50-55 procent te halen, zal er dus meer dan één tandje moeten worden bijgestoken.

De grote ontbrekende in al die cijfers is de haven van Antwerpen. Vier vijfde van de uitstoot van broeikasgassen in Antwerpen komt immers uit de schoorstenen van het uitgestrekte havengebied en ook die emissies dalen niet meer. De stad blijft daarvoor rekenen op het Europees systeem van emissiehandel. Maar dat zet duidelijk veel te weinig zoden aan de dijk. Zo blijven de grote vervuilers buiten schot en wordt de industrie niet voorbereid op de toekomst.

Wiens verantwoordelijkheid?

Klimaatbeleid verzandt al te vaak in het doorschuiven van de verantwoordelijkheid naar elke individuele burger. Die moet maar zonnepanelen leggen, anders consumeren, minder met de wagen rijden. In haar klimaatplan lijkt Antwerpen de andere kant uit te willen gaan. Het is positief dat de stad op zoek gaat naar collectieve maatregelen met impact. Heel wat van die voorstellen, zoals het invoeren van een derdebetalersregeling voor isolatie of het gebruiken van restwarmte uit de haven, komen trouwens recht uit het programma van de PVDA.

Maar wie ambitieus klimaatbeleid zegt, zegt ook: ambitieuze keuzes en ambitieuze publieke budgetten. Want anders blijven de plannen papieren tijgers en dreigen de lasten toch te worden doorgeschoven naar de Antwerpenaar zelf. En daar zit het in het nieuwe klimaatplan van de stad minder goed.

De niet zo ambitieuze ‘modal shift’

De ‘modal shift’ is een steeds bekender begrip voor de meeste Antwerpenaren. Waar in de brede regio rond Antwerpen vandaag voor 82 procent van de verplaatsingen de wagen wordt gebruikt, wil de stad tegen 2030 naar 50 procent gaan. Dat is alleen mogelijk als er een gigantische stap vooruit gezet wordt in het gebruik van het openbaar vervoer en de fiets. Maar daar blijft het voorlopig bij muizenpasjes. Het openbaar vervoer in Antwerpen wordt volgend jaar grondig door elkaar geschud, zonder dat er één euro extra gaat naar de werking van De Lijn. Men rekent zo op 7,3 procent extra reizigers. Veel te weinig voor de ambitieuze modal split uit het klimaatplan.

Er zijn ook geen plannen om openbaar vervoer naar de haven te voorzien, waar nochtans 60.000 mensen werken. De stad maakt wel grote plannen voor nieuwe premetrokokers tegen 2030, maar daarvoor zijn geen middelen voorzien. Met gerichte investeringen de komende jaren zou er een groot verschil kunnen worden gemaakt voor de reiziger. Dat is wat de PVDA voorstelt met haar plan ‘SLIMMER naar Antwerpen’.

PVDA voert actie tegen schrappen van Tram 7 in Berchem
PVDA voert actie voor behoud van Tram 7 in Berchem

Op vlak van fietsen gebeurt er heel wat, maar ook daar is de weg nog lang. Telkens opnieuw heeft het stadsbestuur het moeilijk om keuzes te maken: voor ruimte voor de fiets, voor doorstroming voor het openbaar vervoer. Zelfs de gloednieuwe tramverbinding over de Noorderleien rijdt aan een slakkengangetje omdat het bestuur niet voluit voor een efficiënt openbaar vervoer durft gaan.

Naast het personenvervoer, is het ook aan het vrachtvervoer om een modal shift door te maken. En daarvoor zijn de doelstellingen die de stad zich stelt wel erg laag. Men rekent op amper 15 procent transport via het spoor in de haven, terwijl de Duitse havens 40 procent van hun goederen met de trein vervoeren. Op die manier compenseert de toename van het goederentransport via de weg de inspanningen van wie de auto laat staan voor de fiets of de bus.

Helpen renoveren

Heel wat mensen wonen in een huis of appartement dat slecht geïsoleerd is. Een renovatie zou hun energiefactuur serieus doen dalen én een verschil maken voor het klimaat. Maar dan moet je wel de investeringskosten op tafel kunnen leggen. De PVDA stelt daarom in haar programma voor om te werken met een derdebetalersregeling. Daarbij wordt je renovatie voorgeschoten en betaal je de investering af via je verlaagde energiefactuur.

De stad Antwerpen wil nu met netbeheerder Fluvius de invoering van zo’n derdebetalersregeling onderzoeken. Dat wordt niet gemakkelijk, want de grootste partij in het stadsbestuur, de N-VA, is niet bepaald voor het idee gewonnen. Minister Zuhal Demir kantte zich in het Vlaams parlement al herhaaldelijk radicaal tegen het inschakelen van Fluvius als derde betaler.

Maar wat meer is: volgens het systeem dat het stadsbestuur voorstelt, komt de kost voor de renovatie van een huurwoning volledig bij de huurder te liggen. Die betaalt via de energierekening de renovatie aan het eigendom van de verhuurder af. Het kan niet de bedoeling zijn dat de klimaatfactuur helemaal naar de huurders wordt doorgeschoven.

Naast de invoering van de derdebetalersregeling, wil de stad ook sneller sociale woningen gaan renoveren. 650 wooneenheden per jaar, staat er in het klimaatplan. Een stevig tempo, waar menig sociaal huurder de wenkbrauwen bij zal optrekken. Want vandaag staan sociale woningen soms tien jaar leeg voor de renovatie wordt aangevat.


PVDA voert actie tegen tien jaar leegstand sociale huisvesting in Hoboken met verjaardagstaart

Hernieuwbare energie

Het gros van de broeikasgasreducties in het Antwerpse klimaatplan is afkomstig van de omschakeling naar hernieuwbare energie: maar liefst 60 procent van het totaal. De stad wil het aantal zonnepanelen op Antwerpse daken maar liefst verzesvoudigen. Dat is zeker haalbaar als je weet dat maar een paar procenten van de geschikte dakoppervlakte in Antwerpen vandaag voor zonne-energie gebruikt wordt. Het is dan ook positief dat het klimaatplan zonnecoöperaties wil ondersteunen om grote partijen zonnepanelen aan te leggen.

Om de hoge ambities te halen, zal echter meer nodig zijn. Investeringen van de stad zelf bijvoorbeeld, zoals Stuttgart dat doet. Die verdienen zich immers toch terug. Anders blijft het opnieuw de burger die de portefeuille moet bovenhalen, al is het dit keer in groep. Het boezemt bovendien weinig vertrouwen in dat de stad de zonnepanelen van Fernand Huts, die woekerwinsten boekt met groenestroomcertificaten, als voorbeeld neemt.

De grote blikvanger van het plan is zonder twijfel de aanleg van warmtenetten om de restwarmte uit de haven te gebruiken voor het verwarmen van woningen en kantoren in de stad. Tegen 2030 wil men tien procent van de Antwerpse gebouwen op zo’n warmtenet aansluiten. Een ambitieus en broodnodig, maar peperduur project. Toch zijn er amper middelen voor voorzien. En bovendien zal de aanleg van warmtenetten vijf keer sneller moeten gebeuren om nadien de hele stad van duurzame warmte te voorzien tegen 2050.

De haven als troef

De olifant in de kamer blijft natuurlijk de industrie in de haven. Er wordt wel gebruikt gemaakt van de restwarmte en de uitgestrektheid van de haven om meer windmolens te plaatsen. Maar heel wat troeven blijven onderbenut. 80 procent van de uitstoot in Antwerpen komt uit de haven, maar dat laat de stad over aan de Europese emissiehandel. Die brengt nochtans weinig zoden aan de dijk, de uitstoot in de haven daalt al jaren niet meer.

Ook in dit plan komen er geen bindende doelstellingen om de klimaatambities met sociale vooruitgang te verbinden. De stad zegt wel dat ze streeft naar klimaatneutraliteit bij de ontwikkelingen van nieuwe bedrijventerreinen, maar doet er ondertussen alles aan om het ‘Project One’ van Ineos aan te trekken. Dat zijn nieuwe chemische installaties die schaliegas zullen verwerken, een van de meest schadelijke grondstoffen voor het klimaat.

De PVDA stelt voor om te investeren in een publiek kenniscentrum in de haven om de verduurzaming van de chemie aan te zwengelen. Zo bereiden we de industrie voor op de toekomst: duurzaam en met jobzekerheid.

Vergroening

Het is voor iedereen duidelijk dat we de stad moeten vergroenen. Maar de realiteit is dat de Kwade Velden in Merksem verkaveld worden en zowel het Operaplein als de F. Rooseveltplaats worden heraangelegd als betonnen woestijnen. De districten zijn verantwoordelijk voor het gros van het publiek domein, maar krijgen er amper budgetten voor. Zullen die nu wel voorzien worden?


PVDA houdt alternatieve openbare verkoop voor behoud natuurgebied Kwade Velden in Merksem

Grote vraagtekens

Wie door het Antwerpse klimaatplan gaat, ziet heel wat mooie ideeën en ambities. Belangrijke onderdelen zoals de vergroening van de industrie en het transport blijven echter ver onder de lat. Bovendien is het onduidelijk hoe de stad haar hoge ambities wil realiseren. De nodige middelen worden vaak niet voorzien, wat doet vermoeden dat de factuur uiteindelijk toch bij de gewone Antwerpenaar terecht zal komen. Sommige keuzes zullen dan weer een bocht van 180 graden vragen. Zal die worden gemaakt met de klimaatsceptische N-VA als grootste partner in het stadsbestuur?

Doe je mee?