Ampere, de feestlocatie onder de sporen in de Simonstraat, zal vanaf de zomer van 2026 een nieuwe, commerciële uitbater krijgen. Het stadsbestuur (N-VA & Vooruit) heeft besloten om de concessie met de vzw die er nu huist niet verder te zetten, en kiest expliciet voor een commerciële invulling. PVDA-fractieleider Manal Toumi heeft weinig begrip voor die keuze. “Je laat hiermee als stad een kans liggen om te zorgen voor een toegankelijke en betaalbare feestlocatie. De jongeren in onze stad hebben nood aan meer van dat soort plekken, maar het stadsbestuur kiest er met deze beslissing voor om tegen die noden in te gaan.”
In de zomer loopt de concessieovereenkomst tussen de stad en Ampere af. Tot nu toe viel de feestzaal onder de sporen in de Simonstraat onder een jeugdconcessie, waardoor Ampere een goedkopere huurprijs betaalde. Het stadsbestuur wil die niet verderzetten en kiest voor een marktconforme concessie, wat dus ook een hogere huurprijs als gevolg zal hebben.
Opvallend is dat er expliciet wordt gekozen voor een commerciële invulling. Dat betekent in de praktijk natuurlijk dat de focus vooral op winst maken zal liggen. “Dat zie je terug in de criteria die de stad oplegt aan kandidaat-concessiehouders", weet Toumi. “Het financiële aspect weegt daar het zwaarste door. Van toegankelijkheid en betaalbaarheid wordt zelfs niet gesproken.”
Een gemiste kans, zegt Toumi. “Ampere is een begrip in het Antwerpse nachtleven. Waarom kan de concessie met de huidige organisatie niet worden verlengd? Het stadsbestuur zou dan samen met Ampere kunnen bekijken welke stappen er kunnen worden gezet wat betaalbaarheid en toegankelijkheid voor jeugdorganisaties betreft. Feestjes en festivals worden steeds duurder, onder meer door de maatregelen van Arizona. Net op een moment dat veel jongeren het moeilijk hebben, kiest de stad niet voor hun noden.”
Het stadsbestuur zou ervoor kunnen kiezen om voorwaarden rond betaalbaarheid en toegankelijkheid centraal te stellen, stelt Toumi. “Het parochiezaalmodel waar de stad het zo vaak over heeft, wijst net op het idee dat je infrastructuur deelt, de verantwoordelijkheid deelt met organisaties, en zo sociale connecties maakt, die los staan van het commerciële. Omdat je vrijwilligers hebt die de boel uitbaten, kan je ook de prijzen drukken.”
Tot slot stelt Toumi zich vragen bij de totstandkoming van de beslissing. “Is hierover advies ingewonnen bij de jeugdraad of bij vertegenwoordigers van het Antwerpse nachtleven? Van alle kanten horen we dat er een tekort is aan betaalbare feestruimtes. Het belang van jongeren wordt vaak benadrukt, maar wanneer de stad de kans krijgt om daar concreet op in te spelen, laat ze die liggen. Het kan niet de bedoeling zijn dat alleen wie een dikke portemonnee heeft kan genieten van het Antwerpse nachtleven. De stad moet ervoor zorgen dat dat voor elke Antwerpenaar mogelijk blijft.”