Tijdens de gemeenteraad van maart had PVDA-gemeenteraadslid Anne Delespaul het over de stijgende energiekosten. Die zijn het gevolg van de illegale oorlog van Trump en Netanyahu in het Midden Oosten. De Antwerpenaar voelt er de gevolgen vandaag al van in zijn portemonnee. Tijdens 2022 zaten we in een gelijkaardige situatie, met torenhoge energieprijzen en daarmee gepaard gaande inflatie. Het stadsbestuur (N-VA & Vooruit) besloot toen om dat aan de Antwerpenaar door te rekenen, met besparingen en duurdere dienstverlening. Delespaul wou garanties dat dit niet opnieuw zal gebeuren. Wij zouden niet moeten opdraaien voor de illegale oorlog in Iran. Lees hieronder de tussenkomst van Anne.
Schepen, de illegale oorlog die Trump en Netanyahu in het Midden Oosten gestart zijn, is intussen al ruim een maand bezig. De gevolgen zijn niet te overzien. Natuurlijk in de eerste plaats voor de mensen in de regio. Duizenden doden, onschuldige burgerslachtoffers en mensen die hun hebben en houden moeten achterlaten om zichzelf en hun familie in veiligheid te brengen.
Er zijn bepaalde politieke partijen hier bij ons die het in hun hoofd halen om deze grove schending van het internationaal recht toe te juichen en er “onze” oorlog van te maken. Nochtans zullen de gevolgen zich ook hier bij ons laten voelen. Dat doen ze nu al.
Wie onlangs nog is gaan tanken, kon er niet naast kijken: aan de benzinepomp voelen we al heel concreet de impact van deze oorlog. Voor een volle tank benzine betaal je bijna honderd euro, voor diesel ligt dat er zelfs ruim boven. En daar blijft het niet bij. Want ook de energieprijzen swingen al de pan uit. Voor aardgas bijvoorbeeld is de prijs door de oorlog al verdubbeld. Als dat zich doorzet betekent dat 500 euro meer per jaar voor gemiddeld gezin. Ook elektriciteit wordt fors duurder.
Voor onze industrie in de haven is dat natuurlijk evenzeer slecht nieuws. Er worden nu al honderden jobs afgebouwd bij BASF, Envalior, etc. Gas is voor onze chemische industrie een grondstof om daar dan producten van te maken die op hun beurt dienen voor de bouw, industrie en landbouw. Die stijgende gas- en energieprijzen gaan worden doorgerekend aan de consument. Dat gaat dus zorgen voor algemeen hogere prijzen, ook voor de winkelkar. De impact van de oorlog begint bij energie, maar heel snel zullen andere domeinen volgen.
Heel wat mensen zijn nu al aanpassingen aan het doen in hun dagelijks leven: verwarming thuis lager zetten, elke dag gaan tanken om de volgende prijsstijging zeker voor te zijn, proberen alternatieven te zoeken voor een deel van de autoritten, zelfs al extra voedingsmiddelen inslaan. Het is duidelijk dat heel veel mensen ongerust zijn. En dat ze maatregelen nemen voor de periode die er aankomt.
Zelfs als deze oorlog morgen eindigt, zullen de repercussies zich nog lang laten voelen. Het Internationaal Energieagentschap (IEA) waarschuwt sowieso voor de “ergste energiecrisis ooit”. Erger dan de oliecrisis van de jaren ‘70 of de energiecrisis van 2022-2023.
Dat heel veel mensen zich daar zorgen over maken, dat hoef ik u niet uit te leggen. In de eerste plaats natuurlijk over de impact die dat rechtstreeks zal hebben op hun eigen portemonnee. Maar er zijn nog meer manieren waarop deze crisis zich zal laten voelen.
Want ook in de stad Antwerpen zal de stijgende prijzen als gevolg van de oorlog voelen.
In 2022 zaten we in een vergelijkbare situatie, met energieprijzen die als gevolg van de sancties tegen Rusland naar aanleiding van de oorlog in Oekraïne zeer fors stegen, met daaraan gekoppeld een forse inflatie. Het is niet ondenkbaar, zelfs zeer waarschijnlijk, dat we binnenkort in een soortgelijk of erger scenario terechtkomen.
En daarom wil ik vandaag van u weten, schepen, of het stadsbestuur hier al op anticipeert. Hoe schat u de impact in? En welke pistes liggen er binnen het college op tafel om dat op te vangen?
In 2022 koos het stadsbestuur ervoor om de rekening naar de Antwerpenaar door te schuiven. Ze besliste toen om zeventig miljoen euro per jaar te gaan besparen. Dat gebeurde dan met maatregelen die zogezegd “de Antwerpenaar niet zou voelen”.
De lichten gingen uit tussen 1 en 5 uur ‘s ochtends, een maatregel die hier nadien meermaals ter sprake kwam omdat het onveiligheidsgevoel in de Antwerpse straten erdoor verhoogde.
Verschillende diensten werken duurder: vuilniszakken werden 34% duurder, een zwembeurt ging meer kosten, net als sportlessen, een rijbewijs of zelfs trouwen.
Er werd verder stevig bespaard op alle beleidsdomeinen: een zoveelste besparing op het stedelijk personeel, geen indexering van de subsidies aan culturele organisaties, een schrapping van de projectsubsidies en ook de middelen voor jeugdwerk werden niet geïndexeerd, waardoor zo’n 23 jeugdwerkers op straat belandden.
Ook de districten werden niet ontzien: een besparing van 5% op hun werkingsmiddelen en een indexsprong op hun investeringsmiddelen.
Vier jaar geleden probeerde het stadsbestuur de schijn op te houden van een besparing die de Antwerpenaar niet zou treffen. Het protest dat er nadien tegen die maatregelen volgde, toonde aan dat dat verhaaltje niet klopte. Het stadsbestuur klopte zich op de borst dat de belastingen niet werden verhoogd, maar besloot wel om dit soort verdoken belastingen door te voeren. De realiteit was natuurlijk dat de Antwerpenaar op verschillende manieren deze besparing wel degelijk rechtstreeks voelde.
Dat mag niet opnieuw gebeuren. De Antwerpenaar is vandaag al het slachtoffer van de stijgende energieprijzen als gevolg van de oorlog, en van een regering die het blijkbaar de moeite niet vindt om mensen daartegen te beschermen, terwijl oorlogsprofiteurs als Chevron, Shell en Exxon de miljarden binnenrijven.
Het laatste dat de Antwerpenaar kan gebruiken is om daarbovenop ook nog eens de rekening gepresenteerd te krijgen door het stadsbestuur.
Dat het ook anders kan, toonde het progressief bestuur - toen nog met Groen, PVDA en Vooruit - in Borgerhout. Dat ondersteunde haar middenveldorganisaties en verenigingen bij de uitbetaling van hun energiefactuur. Met de PVDA en Geneeskunde voor het Volk hebben we toen zelf energie-infopunten opgezet om mensen te helpen. Dat was nodig ook, want op dat moment kreeg het Ecohuis 2.5 keer zoveel aanvragen voor advies om de facturen te drukken. Het stadsbestuur zou nu al kunnen anticiperen op de stijgende vraag naar ondersteuning door het energieloket van de stad te versterken en uit te breiden.
Mijn vraag aan u, schepen, is dus: welke garanties kan u vandaag al geven dat de Antwerpenaar, die vandaag al rechtstreeks in de portemonnee getroffen wordt door de illegale oorlog van Donald Trump, niet ook nog eens in november de rekening gepresenteerd krijgt door het stadsbestuur? En welke stappen kan en zal het stadsbestuur vandaag al zetten om de Antwerpenaar de komende maanden te ondersteunen
Het antwoord van de schepen
Het antwoord van schepen van Financiën Koen Kennis (N-VA) was niet erg geruststellend. Verwijzend naar de besparingen uit 2022 zei de schepen dat het "misschien noodzakelijk zal zijn om opnieuw maatregelen te nemen." Lees: opnieuw zal er bespaard worden op de dienstverlening en het stedelijk personeel, terwijl de Antwerpenaar meer zal mogen betalen voor stedelijke goederen en diensten. "We moeten onze burgers helpen om minder energie te verbruiken, maar we moeten ook als overheid onze verantwoordelijkheid nemen", ging hij verder.
"Met andere woorden; de rekening zal opnieuw naar de gewone man worden doorgeschoven", antwoordde Delespaul. "U zegt dat de overheid haar verantwoordelijkheid moet nemen, maar we zagen enkele jaren geleden dat het stadsbestuur die verantwoordelijkheid doorrekende aan de mensen van deze stad. Het is bijzonder jammer dat dat nu opnieuw zou gebeuren."