11 november 2009 12:12 | Leeftijd: 3 jaar
| Thema: Op de werkvloer, Opel, Antwerpen, Duitsland

GM blaast verkoop Opel af: waarom Opel niet in overheidshanden nemen?

Ontgoocheling en ongeloof. De Amerikaanse autobouwer General Motors besliste om Opel niet te verkopen aan Magna. “De omstandigheden bij GM zijn aanzienlijk verbeterd,” klinkt het in Detroit. Wat nu?

Henry Houben

Voor de Duitse parlementsverkiezingen beloofde Merkel nog dat ze Opel zou redden. Luttele weken later worden duizenden jobs bedreigd. (Foto archief)

Al van bij de eerste berichten over herstructureringsplannen bij Opel heerst er in alle vestigingen ongerustheid: wie zal sluiten? Waar zal er drastisch gesnoeid worden in het aantal arbeidsplaatsen? Die angst sloeg al gauw over op de lokale overheden van de plaatsen waar Opel-fabrieken gevestigd zijn: “Niet bij ons!” zeiden die.

Van bij het begin heeft General Motors daarvan gebruikgemaakt om de verdeeldheid tussen de vestigingen aan te wakkeren en bij de plaatselijke overheden te bedelen om overheidsgeld door telkens weer te schermen met het schrikbeeld van sluiting en herstructurering. Duitsland wilde 3 à 4,5 miljard euro geven. Polen 300 miljoen, Groot-Brittannië 500 miljoen. Vlaanderen bleef niet achter en beloofde eveneens een half miljard euro.

Nu de piste Magna dood en begraven is, eist GM diezelfde bedragen aan steun, anders zou het Opel wel eens failliet kunnen laten gaan… Tegelijkertijd zegt GM nu al wat het verwacht in termen van productiviteit en competitiviteit, en krijgen de werknemers te horen wat de “gewenste offers” zijn.

 

Merkel vergeetachtig

Volgens de beleidsmakers kan de staat onmogelijk het beleid van die bedrijven overnemen en een andere logica hanteren dan die van de rendabiliteit en de competitiviteit. Zo zei Barack Obama: “We handelen als een aandeelhouder, maar dan wel een voorzichtige. Ik ben hoegenaamd niet van plan om GM zelf te besturen.” Angela Merkel pikte daar onmiddellijk op in: “De staat is nooit een bijzonder goede ondernemer gebleken.” Dan vergeet ze toch dat de Franse autobouwer Renault, jarenlang een overheidsbedrijf, lange tijd marktleider was op de eigen Franse markt.

De Europese regeringen zullen dus wellicht miljarden euro’s steun naar GM dragen, dat zelf stevig de touwtjes in handen kan houden. Op die manier belanden we opnieuw in de complete anarchie die leidt tot overcapaciteit en herstructureringen, met fabriekssluitingen en massale afdankingen tot gevolg. Men zal zoeken naar alle mogelijke manieren om te besparen, zodat de aandeelhouders dik kunnen incasseren. Gevolg: de lonen gaan omlaag en de productiviteit omhoog. Kortom, de arbeidsvoorwaarden verslechteren.

Als we deze logica willen omkeren of veranderen, moeten de omstandigheden gecreëerd worden die dat mogelijk maken. En dat impliceert dat er inspraak is in de controle en het beheer van het bedrijf. En waarom zou de overheid dat niet doen?

De nationalisering terug op tafel leggen

Wouter Van Damme
, van PVDA-Antwerpen vindt alvast dat het voorstel om Opel Europe in overheidshanden te nemen opnieuw op tafel moet komen. “Het gaat tenslotte om 50.000 werknemers, en zelfs een veelvoud daarvan als je de onderaannemers en toeleveranciers meetelt. In tijden van crisis is het aan de overheid om jobs te beschermen en te creëren. En dat is hier heel goed mogelijk. Met zijn jaarlijkse productie van twee miljoen wagens en zijn eigen onderzoekscentrum is Opel perfect leefbaar. Bovendien kunnen de overheden dat productieapparaat omvormen zodat milieuvriendelijkere wagens kunnen worden geproduceerd, want als je dat aan de privé overlaat, tja, dan blijft de ontwikkeling toch zeer beperkt. En laten we niet vergeten dat het grote probleem in de automobielsector de overproductie is. Ook daar zou een Europese overheid iets kunnen aan doen. Het is zoals filmmaker Michael Moore zei: ‘Als je ziet hoeveel onze Amerikaanse overheid hier nu aan het pompen is, waarom kopen we het dan niet gewoon over?’” (ND)


Reageren?

Nog geen reacties ontvangen
Voeg hieronder uw mening toe

* - verplicht veld

*





*
*