18 augustus 2010 11:23 | Leeftijd: 2 jaar
| Thema: Antwerpen, PVDA, Vrouwen, Havens

Een arbeidersvrouw die het beste van zichzelf gaf aan haar gezin en aan onze partij...

Bij het overlijden van Wies De Schutter:

Maggy Doumen

Via Kris Merckx  en de dokters van Geneeskunde voor het Volk in Hoboken kreeg ik maandagmorgen bericht dat Wies op 77 jaar in haar slaap was overleden. De dood is voor haarzelf zeer zeker een verlossing. Het moet voor haarzelf ook verschrikkelijk geweest zijn om niets meer te kunnen onthouden, niet meer te weten, niet meer te kunnen overtuigen, te lezen en te spreken …. en alsmaar minder te kunnen doen voor de partij.

Wies, de veel te zeldzame keren dat we de voorbije jaren mekaar nog zagen, was dit de boodschap die je mij altijd gaf: “Maggy, ik kan alsmaar minder, maar ik probeer nog alles wat ik kan te doen voor de partij – ik spreek nog met de mensen die ik zie over de levensduurte, de dure vuilzakken, de migranten ….” De dinsdag, dag van verzending van de kranten Solidair was “uwe feestdag” zoals ge zei. Vaak bracht je iedereen er aan het lachen, zo beeldrijk dat je zaken aan de kaak kon stellen. Maar op het laatst ging ook dat niet meer.

 

Op maandag 16 augustus is Wies De Schutter overleden. Wies is mee de grondlegster van de vrouwenwerking van onze partij. Tijdens de dokstaking van 1973, richtte ze mee het vrouwencomité ter ondersteuning van de dokwerkers op.
De begrafenisplechtigheid gaat door op vrijdag 20 augustus om 14u in de Aula Chrysant van het Crematorium van Antwerpen. Samenkomst om 13u45.
Wij wensen Door, de kinderen en kleinkinderen heel veel sterkte bij dit verlies.

Wies, we hebben mekaar leren kennen in de havenarbeidersstaking van 1973. Ik, nog een vrij jong militant van AMADA, die nog niet veel van het arbeidersleven en dagelijkse arbeidersstrijd kende – gij, een ervaren vrouw, die 11 kinderen ter wereld had gebracht en opvoedde en mij een realistisch maar tegelijk indrukwekkend beeld gaf van de arbeidersklasse en haar kracht en kwaliteiten.

1973: Door was in april samen met duizenden andere dokwerkers in staking voor 100 frank loonsverhoging en een 13de maand. De stakers trokken al wekenlang geen stakersgeld. Zoals veel gezinnen geraakte uw gezin in financiële problemen.

De burgemeester vaardigde een samenscholingsverbod en een betogingsverbod uit. Betogingen van de havenarbeiders botsten telkens op rijkswacht en waterkanonnen. Toen de mannen niet meer mochten betogen ging jij in op een oproep in een pamflet van de dokwerkers en samen met een 60-tal dokwerkersvrouwen kwam je betogen in plaats van de mannen. Iedereen dacht toen dat de politie zeker niet op een betoging van vrouwen en kinderen zou durven ingrijpen.

In de gietende regen trok jij samen met die vrouwen met paraplu richting Paardenmarkt om stakingsgeld op te eisen. Een paar duizend dokwerkers volgden een honderd meter verder om te zien hoe het zou aflopen. Want ze waren er toch niet helemaal gerust in.

 “Onze kinderen willen eten” riep je .. en wij gebruikten deze woorden als een van onze slogans op de talrijke betogingen die we deden. “En wat krijgen wij? riep je na de charge van de politie … en wij antwoordden in koor “slagen van de politie”.

“Als je man dokwerker is, weet je wanneer hij gaat werken en ’s morgens de deur achter zich dicht trekt, maar nooit of en hoe hij gaat thuiskomen”, zegde je, verwijzend naar de zeer zware en dodelijke arbeidsongevallen aan de dok. Jij kon als geen ander uitleggen waarom arbeidersvrouwen hun man moeten steunen in de strijd. Jij kon echt vrouwen overtuigen om hun schrik opzij te leggen, te zorgen dat hun kinderen een goede opvang hadden om actief deel te nemen aan de klassenstrijd van de arbeiders.

Jij zei altijd: “Het is de politie die mij tot communist geklopt heeft”. Voor jou werd het in de loop van de 8 weken staking duidelijk: een organisatie als AMADA, de latere PVDA, is brood nodig voor de strijd en om echte overwinningen te halen. Samen met Door werd je actief lid van de Partij en werd je een van onze meest trouwe militanten.

We stonden naast mekaar in de vele betogingen en protestacties die we organiseerden. Jij stond ook aan de wieg van het Vrouwenkomitee, dat later tot de vrouwenorganisatie Marianne van de PVDA zou uitgroeien.

Jij was heel duidelijk de woordvoerster – voorzitster wilde je zeker niet genoemd worden – maar wel woordvoerster – diegene die wist wat er leefde onder de arbeiders en hun vrouwen en voor hen wilde opkomen en het gevecht aangaan. Jouw inzet, samen met Door te midden van je groot gezin … daar kon werkelijk niemand naast kijken. Waar je ook aanwezig was, je liet van je horen. Er werd naar u geluisterd en uw woorden werden ook door tegenstanders au serieux genomen.

Wat jij zegde, kwam immers recht uit uw hart. Jij sprak ook recht naar het hart van arbeidersvrouwen, die in u een echte woordvoerster zagen – iemand die hun belangen heel raak en scherp kon verwoorden. Jij sprak ook naar mijn hart, naar ons hart, het hart van jonge intellectuelen die kozen om te werken en mee te strijden met de arbeidersklasse tegen alle kwalen van het kapitalistisch wereldsysteem.

Wies – ik zou een boek over u kunnen schrijven – zo’n sterke en warme stempel drukte je op onze generatie van toen jonge revolutionairen, die de wereld wilden veranderen en beter maken voor de werkende klasse.

En of het nu ging om de strijd tegen de levensduurte, om strijd tegen repressie en voor onze fundamentele rechten, om de strijd om onze partij en ons vrouwencomité uit te bouwen …

Jij stond altijd mee op kop.

Wies, jij zou nooit iets verteld hebben wat jijzelf niet verstond. Wij studeerden met jou en met de andere dokwerkersvrouwen samen de geschiedenis van de bolsjewieken en de oktoberrevolutie in Rusland onder leiding van Lenin – we bestudeerden de soms zeer moeilijke teksten van onze beginnende partij … en jij deed enorme inspanningen niet alleen om zelf alles goed te begrijpen en u eigen te maken, maar vooral ook om dat allemaal op een duidelijke en overtuigende manier te brengen naar uw mensen.

Wies, jij vormde even later samen met Anni de leiding van het vrouwencomité, dat nadien de kern geworden is van Marianne, de vrouwenorganisatie van de PVDA. In die jaren 70 trokken we in  betoging tegen de levensduurte op het Kiel met de jongeren vooraan – we bezetten samen het stadhuis om vrijspraak te eisen in de dokprocessen – we stonden zij aan zij met onze dokters die vervolgd werden door de Orde van Geneesheren en in de strijd tegen de loodvergiftiging door de Metallurgie – we trokken samen naar het parlement en gingen solidariteit betuigen aan vele stakingspiketten….. te veel om hier allemaal op te noemen.

11 november 1973 – de jaarlijkse vrouwendag van de vrouwenbeweging. Met het vrouwencomité gingen we ernaartoe met als bedoeling die vrouwen mee te betrekken in de klassenstrijd. Ik herinner mij nog heel goed dat jijzelf daar heel goed ontvangen en naar voor werd geroepen om een oproep te doen. Velen van deze vrouwen hadden nooit arbeiders-vrouwen ontmoet en horen spreken. Maar zij luisterden want jij slaagde erin om te overtuigen …. Zonder enige aarzeling nam je de micro en sprak alsof je het op school geleerd had. Ook aan het kot van de dok en aan alle bedrijven waar je steun ging halen of brengen was je gekend als de vrouw met de megafoon.

Je ging mee naar de bestuursvergaderingen van het VrouwenOverleg Komitee . Verantwoordelijke Monica Triest schrijft erover: “Wies was de eerste en enige arbeidster in ons bestuur van het Vrouwen Overleg Komitee (VOK) dat de vrouwendagen organiseerde (jaren 1970-1980). Ze was bijzonder strijdvaardig, had meer inzicht en ervaring dan de meesten onder ons. Postuum wil ik haar op deze manier hulde brengen.”

Wies, jij bent een van onze meest opgemerkte partijleden die van in de jaren 70 gedurende  25 jaar lang het beste van uzelf gaf tot je veel te snel ziek werd en niet meer in staat was die taken op u te nemen …

Wies, geen enkel onrecht liet je onberoerd. De strijd van onze dokters van Geneeskunde voor het Volk, de strijd tegen het toenmalig wetsvoorstel 430 dat het organisatierecht van progressieve organisaties en van onze partij wilde aan banden leggen, de strijd om de armste en de meest rechteloze lagen van de bevolking  – de migranten, de mensen in de derde wereld …nooit deden wij vruchteloos beroep op jou en meestal ook op jouw gezin, want voor jou was je gezin de allereerste basis die moest overtuigd worden en mee solidair zijn.

Wies, als moeder dirigeerde je een loodzwaar huishouden, maar ieder van ons was altijd welkom en werd steevast ontvangen op kommetjes koffie. Je probeerde én uw gezin altijd de nodige warmte te geven én tegelijk tijd te maken om zoveel mogelijk andere stakers te gaan steunen, vrouwen te gaan helpen zich te organiseren, partijvergaderingen te volgen …

Je reisde ook mee naar China om een socialistische maatschappij van naderbij te gaan bekijken met eigen ogen – eigen “kritische” ogen zou ik zeggen, want men moest je niets wijsmaken . Je was zeker niet de gemakkelijkste op zo’n punt. Als een toestand of woorden niet duidelijk waren reclameerde je tot er duidelijkheid was en eenvoudige woorden gebruikt werden.

Wies, voor mij blijf je symbool van totaal onbaatzuchtige inzet voor uw gezin, voor de partij en voor uw werkende klasse en dat tot het einde van jouw leven.

Waarom ik dit schrijf is zeker niet om je te vleien, want jij had daar zeker en vast de grootste hekel aan. Maar ik wil je zeggen: “Wies, bedankt. Wij hebben heel veel van je geleerd en kunnen nog veel van je leren. En in die bedanking willen we ons ook richten tot je gezin als een van de gezinnen die onze partij mee trok en zo velen van ons opving in dikwijls moeilijke en woelige dagen.”  

Wies, juist één jaar geleden verloren we An Lenaerts, een heel waardevolle verantwoordelijke bij Marianne. Maar ik zie nu al dat jouw en jullie werk opvolgers heeft die zich zeker ook zullen inspireren aan het door u gepresteerde werk.”

Lieve Wies, wij nemen hier afscheid. Je zal altijd in ons blijven leven. Vaarwel.


Maggy Doumen

 


Reageren?

Nog geen reacties ontvangen
Voeg hieronder uw mening toe

* - verplicht veld

*





*
*