Sociale hulp en kinderopvang commercialiseren? Anwerpen verdient beter!

Een niet-transparante begroting, meer taksen voor minder dienstverlening, commercialisering van de sociale hulp en de kinderopvang, verdere afbouw van het aandeel van het stedelijk onderwijs: Antwerpen verdient beter. In plaats van de verjonging, verkleuring en vergrijzing van de stad als een uitdaging te zien, trekt de stad zich terug. Het antwoord wordt aan de markt overgelaten. En de factuur wordt naar de burger doorgeschoven, naar het personeel en naar de kinderen van deze stad. Daarom zal de PVDA+ fractie de begroting 2015 en de aanpassing aan de meerjarenbegroting niet goedkeuren.

Gebrek aan transparantie fnuikt democratische controle

Alle fracties zijn het er over eens: dit soort budgetbesprekingen zijn volkomen ontransparant. Bij verlaging van de budgetten is de uitleg van de schepenen heel vaag : het zijn ‘verschuivingen’, het zijn ‘inkantelingen’, we gaan het geld nu inbrengen als het écht wordt uitgegeven…

Doordat de verschillende rubrieken en deelrubrieken niet meer vergeleken worden met het voorbije jaar, laat staan de voorbije jaren, is het onmogelijk een goed doorzicht te krijgen in deze begroting en de evoluties van uitgaven en inkomsten. Dat is een probleem van transparantie en bemoeilijkt ook de democratische controle.

Een voorbeeld. Eén van de doelstellingen van de stad luidt: ‘Meer mensen vinden een kwaliteitsvolle woning naar wens in Antwerpen’ (1SWN07). Wanneer wij op de commissie vragen hoe die doelstelling te rijmen valt met het feit dat de investeringen dan toch dalen van 23,7 miljoen in 2015 tot 14,9 miljoen euro in 2019, dan krijgen we enkel vage en ontwijkende antwoorden. ‘Dat komt door budgetverschuivingen, door Ciso middelen en dergelijke meer’ of heeft dat opnieuw te maken met ‘één of andere inkanteling’.  Dat valt gewoon niet te controleren. Zelfs als dat allemaal waar is, waarom speelt het stadsbestuur dan geen open kaart met een transparante begroting?

Vanavond heeft schepen Duchateau het hier over de huurders van Sociale Woningen. Hij spreekt over de klachten die binnenkomen. Over daklopers, en over sluikstorten. Hij wil de oorlog ingaan tegen daklopers en sluikstorten. Maar wat met die andere klachten: vragen naar dringende renovatie, wateroverlast, schimmel op de muren, en vooral die ondraaglijke leegstand terwijl er in Antwerpen meer dan 11.000 mensen op de wachtlijst van een sociale woning staan. Het accent van dit bestuur ligt op repressie, en niet op de renovatie en de uitbouw van goede en betaalbare sociale woningen.

Het verslag van Inspectie Financiën is op z’n minst verontrustend. Tot op heden is er slechts 1/3de van de geplande investeringen voor 2014 effectief doorgegaan . Dat is 95 miljoen van de voorziene 273 miljoen. We zijn eind november, en twee derde is niet gerealiseerd! “Geen paniek, wij werken hard aan onze stad”, zegt schepen Kennis nu. Maar dat is geen antwoord. Ook op de commissies werd hier redelijk lichtzinnig over heen gefietst. De lage investeringsgraad wijst op z’n minst op een weinig performant bestuur, of op bijzondere slechte planningen. Inspectie Financiën vreest dan ook voor eenzelfde scenario in 2015. En dat heeft ook effect op de binnenkomende subsidies: de voorziene 2,4 miljoen steun van het Europese Efro-fonds, dreigt in het water te vallen. Slecht bestuur is ook duur bestuur.

Forse achteruitgang op sociale domeinen

Wat we wel kunnen vergelijken met bijvoorbeeld 2014 zijn de globale cijfers per beleidsdomein. En dat doen we dan ook.

En die evoluties zeggen veel: forse achteruitgang voor woonstad (-13.5%), lerende/werkende stad (-16%), bruisende stad (-9.7%) en harmonieuze stad (-11.5%).

Na de besparingen die al in 2013 en 2014 werden doorgevoerd, kennen we hier voor de derde maal op rij zware besparingen op sociale domeinen.  Enkel de budgetten veiligheid en vooral mobiliteit worden verhoogd. Een onbegrijpbaar keuze in een stad waarin de bevolking vergrijst, verkleurt en verarmt.

Wel geld voor een Oosterweelverbinding die geen draagvlak heeft

Nemen we even het beleidsdomein Mobiliteit. Dat stijgt met: +279%, op een klein budget weliswaar. Een stijging van 13.5 miljoen euro naar 51.2 miljoen euro.  Mooi zou je zeggen, gezien mobiliteit een slepend probleem is in deze stad. Maar dan blijkt dat het overgrote deel van dit budget naar de BAM gaat, en via de BAM naar de Oosterweelverbinding. Direct of indirect zijn dat grotendeels bijdragen van de stad aan de voorbereidingen van de Oosterweelverbinding. En dat is niet erg serieus, omdat dit project precies vijf jaar geleden in een volksraadpleging werd weggestemd, omdat ondertussen er nog minder draagvlak onder de bevolking voor die project te vinden valt, omdat zelfs binnen de meerderheidspartijen het BAM tracé openlijk verworpen wordt, omdat de Vlaamse regering nu ook op financieel vlak is teruggefloten door Europa en omdat een voortschrijdend inzicht leidt tot het alternatief van Ringland, waar niemand tegen is, maar dat incompatibel  is met Oosterweel. Want we weten dat de ring in het BAM-tracé een open riool blijft, met niet minder dan 27 baanvakken ter hoogte van de Hollandse knoop, en dus niet te verzoenen is met het Ringland-concept.

Meer taksen voor minder dienstverlening

Het valt op dat ongeveer alle inkomsten van belastingen stijgen. Behalve de belastingen op ondernemingen, op drijfkracht, reclameborden, festivals en evenementen. Voor de reclame heeft de Stad aangekondigd zich voortaan altijd te richten op minstens twee B’s: op bewoners én op bedrijven of bezoekers of brains. Maar voor de belastingen heeft dit bestuur echt geen twee B’s nodig om de nodige taksen en retributies te vinden.

Daar heeft de Bewoner het monopolie: parkeren, trouwen, offerfeesten, saneringsbijdrage, retributie op jeugdactiviteiten, containerparken, … en ga zo maar door.

Alleen al met alle verhoogde belastingen in Antwerpen heeft een gezin al een gemiddelde extra kost van 150 à 200 euro per jaar, en dat moet je niet eens huwen, want dat kost ook nog eens 200 euro. Daar bovenop komen nog alle extraatjes die de Vlaamse en de federale regering van een modale burger gaan vragen.

Krijgen we dan betere dienstverlening voor al die extra taksen? Integendeel, de dienstverlening wordt steeds verder afgebouwd: sluiting wijkkantoren, sluiting buurtbibliotheken, afschaffing pedagogisch uitgewerkte meerdaagse uitstappen, minder kinderverzorgsters per aantal kindjes, minder zorgpersoneel in ZNA en Zorgbedrijf, en ga zo maar door.

Het is een beleid dat het leven duurder maakt en de dienstverlening vermindert, een beleid dat de armen armer maakt en de rijken rijker, precies hetzelfde beleid als in de Vlaamse en federale regering van vandaag, precies ook het beleid dat er voor zorgt dat vandaag in Antwerpen een algemene staking plaatsvindt.

Voedselcheques: het commercialiseren en caritatiseren van de sociale hulp

Schepen Duchateau heeft vanavond opnieuw een lans gebroken voor zijn ‘voedselcheques’. Wat het sociale beleidsdomein betreft wordt de dotatie van de stad aan het OCMW nauwelijks of niet verhoogd, ondanks de schrijnende armoede in deze stad die de komende jaren alsmaar gaat toenemen. Al jaren manifesteren de middelveldorganisaties van het netwerk ‘Stop Armoede Nu’ voor deze gemeenteraad met één constante eis: trek het leefloon op tot aan de Europese armoedegrens. Het is ook federale materie en alle partijen hebben dit in hun kiesprogramma opgenomen gehad.

‘We kunnen er zelf niets aan doen’, zegt de schepen. Dat is helemaal niet waar. Deze Stad en het OCMW hebben zélf beschikking over een belangrijk instrument: de toekenning van de B norm. Om inkomens van leefloners op te trekken in de richting van de armoedegrens, bijvoorbeeld van 800 naar 1000 euro voor een alleenstaande.

Te beginnen voor alleenstaande moeders die van een leefloon moeten leven, gezien uit alle onderzoek blijkt dat zij en hun kinderen zich in de meest schrijnende precaire situatie bevinden. Daar is zelfs geen discussie over: zij en hun kinderen vertoeven in schrijnende armoede als ze van het huidige leefloon moeten leven. 

Het toekennen van de B-norm voor deze mensen zou kunnen betaald worden door een dotatieverhoging aan het Antwerps OCMW van nog geen 2%. Om alle Antwerpse leefloontrekkers hun uitkering op te trekken tot de Europese armoedegrens volstaat trouwens een dotatieverhoging van een goede 10%.

In plaats van een verhoging van het leefloon, bijzonder voor de meest kwetsbare groepen, wil de schepen met ‘voedselcheck’ werken. Dat als mogelijkheid tot aanvullende bijstand bij het leefloon. Tegelijkertijd wordt het budget voor de sociale kruidenier niet verhoogd en wil men deze taak eigenlijk afstoten. Voedselcheques zouden zogezegd minder stigmatiserend werken, zo zegt de schepen. Maar op de cheques zou duidelijk geschreven worden, zo herhaalt schepen Duchateau vanavond, dat ‘ze niet aan alcohol, tabak en andere prullaria mogen besteed worden’. Schepen Duchateau vindt dat de mensen die in armoede leven hun consumpties op de markt moeten kopen, in de reguliere economie, ‘bijvoorbeeld in een brasserie’. Men zou dan met cheque moeten betalen waarop staat ‘niet voor alcohol’, en dus geen pintje kunnen bestellen, en dat zou allemaal ‘minder stigmatiserend’ zijn. Ik weet niet in welke wereld Duchateau leeft, maar een meer paternalistische aanpak, een meer stigmatiserende aanpak is nauwelijks mogelijk.

Uiteraard voert Unizo de druk op om de Sociale Kruideniers helemaal in de marge te laten verdwijnen. Want inderdaad, de Sociale Kruideniers hebben geen enkel winstoogmerk. Ze bieden kwaliteitsvolle voeding en basisproducten aan voor wie het financieel moeilijk heeft, aan prijzen die lager liggen dan de marktprijs.  Maar bovenal willen ze niet alleen een kwaliteitsvol alternatief bieden voor noodhulp, ze willen eveneens een ontmoetingsplaats zijn in het kader van de armoedebestrijding. Door financieel zwakkeren uit hun isolement te halen en begrip te tonen voor hun problematiek vervullen de Sociale Kruideniers een maatschappelijke rol. In hun winkels vinden mensen een luisterend oor, een goed gesprek en bijkomende hulp die hun leven weer op de rails kan zetten. In plaats van deze sociale organisaties, dit sociaal weefsel verder te ondersteunen commercialiseert deze stad eigenlijk de voedselhulp voor de allerarmsten. Een commercialisering en een caritatisering van de sociale hulp is wel het laatste dat deze stad nodig heeft.

Hou de kinderopvang uit de commerciële logica

De Schepen van Kinderopvang wil ons hier vooral doen onthouden dat er erg veel wordt geïnvesteerd in kinderopvang. Met de bevolkingsaangroei zijn de noden ook erg groot. En zelfs dit plan voorziet niet genoeg plaatsen om de opvang van de peuters te garanderen. Het is al gezegd: tegen het einde van de legislatuur zullen er duizend plaatsen te kort zijn.

Er is echter ook nog een ander debat. Wélke plaatsen en welk systeem van crèches wordt op touw gezet? De realiteit is dat de publieke kinderopvang systematisch wordt afgebouwd. Van de 474 extra plaatsen die er zijn gerealiseerd sinds begin 2013 zijn er slechts 40 in de stedelijke kinderopvang bijgekomen. Slechts 40 dus.

Oudercheques, extra subsidies, centralisatie-operaties : de stimulansen voor de private kinderopvang zijn legio. Maar ondertussen kreunt de publieke kinderopvang: de stedelijke kinderverzorgsters met een hogere werkdruk, minder mogelijkheden voor pedagogiek en ongunstigere vakantieregelingen,  én de ouders die de wachtlijsten hebben zien afschaffen en vanaf 1 januari 2015 ook mogen betalen voor de dagen dat hun peuter ziek is, of voor de extra dagen vakantie die ze wensen te nemen buiten het bouwverlof, en nog een boete riskeren als ze door omstandigheden te laat komen…

We zien voor onze ogen gebeuren wat een aantal jaren geleden ook al in Nederland gebeurde. Men investeert niet meer in publieke kinderopvang, en men stimuleert in eerste instantie alle initiatieven van private opvang. Door de jaren heen worden die private initiatieven groter, en worden de kleintjes opgekocht door de groten. Tot je mastodonten krijgt zoals de private kinderopvanggroep Estro, die niet minder dan 340 crèches controleert. De publieke kinderopvang is ondertussen volledig naar de marge verdwenen. Achter een groep zoals Estro schuilen grote investeerders, maar ook speculanten die een snelle return-on-investment eisen. De kinderopvang wordt duurder en duurder, en éénmaal de crisis toeslaat vinden de investeerders dat er niet genoeg winst meer te halen is uit de opvang van peuters en kleuters. Ze trekken zich terug. Dat gebeurde in juli dit jaar met Estro: het ging failliet. En er werden 130 crèches gesloten. Tot zover het succesverhaal van de private kinderopvang. Het is een waarschuwing voor dit stadsbestuur: hou de kinderopvang uit de commerciële logica, en durft te investeren in basiszorg!

Verdere afbouw van het aandeel van het stedelijk onderwijs

In onze stad verlaat 28% van de jongeren de school zonder diploma, en in onze stad reproduceert het onderwijs de sociale ongelijkheid, jaar na jaar. Die sociale segregatie is een kruitvat voor de samenleving. De remedies zijn gekend, de goede voorbeelden ook. Kleinere klassen, een brede basisvorming in een brede gemeenschappelijke stam met meer aandacht voor polytechnisch onderwijs, investeren in leerkrachten, ook om te leren omgaan met diversiteit. Zorg in elke school voor zowel doorstroomrichtingen als arbeidsmarktgerichte opleidingen.

Wat de Schepen van Onderwijs ons vooral wil doen onthouden is de verdubbeling van het budget tegenover de vorige legislaturen. Met dat budget wordt er extra capaciteit gebouwd, wordt het bestaande patrimonium opgekalefaterd, en wordt er geïnvesteerd in hedendaags onderwijs. Onze appreciatie gaat vooral uit naar de mensen binnen AGSO die met dit beperkte budget zoveel mogelijk proberen te realiseren. Het is trouwens in dit domein dat de voorgestelde investeringsbudgetten wel optimaal worden besteed, en dat er geen achterstand wordt opgelopen. We erkennen dat de schepen hier het onderste uit de kan wil halen.

De bevolking verjongt. De ambitie van dit bestuur zou dus kunnen afgemeten worden aan de groei van het stedelijk onderwijs in het kleuter-, lager, en secundair onderwijs. Maar hier wringt het schoentje: er is geen groei, er is inkrimping. Het kleuteraanbod van AGSO gaat van 44% naar 41% in 2019. Het lagere schoolaanbod van AGSO gaat van 34% naar 33% in 2019. Het leerlingenaantal van het secundair onderwijs wordt bevroren op 7500 leerlingen. Bevroren. Wat betekent dat? Het betekent dat dit stadsbestuur de verantwoordelijkheid voor de groei van het onderwijsaanbod legt bij de andere netten, die evengoed met besparingen en krappe budgetten worden geconfronteerd. Wat is de oplossing? Een nieuwe beheersstructuur, waar de gemeenteraadsleden op dit ogenblik nog niets meer over mogen weten.

Om het zogenaamde marktaandeel van AGSO te behouden is er nood aan 15 miljoen euro per jaar voor de bouw van 2 basisscholen per jaar. De twee vorige jaren kon de Schepen van Onderwijs hier volop de paraplu openhouden en zeggen: dat is de verantwoordelijkheid van de Vlaamse Regering. De schepen was steeds ondubbelzinnig : De Stad deed meer dan haar deel, de rest moest van de Vlaamse Regering komen. Vandaag is de samenstelling van de Vlaamse Regering identiek aan die van het Stadsbestuur. Maar er verandert niets. De ‘sense of urgency’ om dringend in het stedelijk onderwijs te investeren lijkt al lang vergeten te zijn.

Antwerpen verdient beter

Het hele bestuursakkoord ademt de commerciële logica uit. Het sociaal beleid is maar interessant als het de markt op kan.

Investeren in het stedelijk onderwijs, in publieke kinderopvang, in bos-en zeeklassen, in renovatie van sociale woningen of de uitbouw van nieuwe sociale woningen, in groen en ruimte, in bereikbare stadsloketten dat moet allemaal vallen. Het is de private return-on-investment die telt, en niet de sociale return-on-society.

In plaats van de verjonging, verkleuring en vergrijzing van de stad als een uitdaging te zien, trekt de stad zich terug. Het antwoord wordt aan de markt overgelaten. En de factuur wordt naar de burger doorgeschoven, naar het personeel en naar de kinderen van deze stad. En dat bovenop de Vlaamse en federale facturen. Meer betalen voor minder dienstverlening, en een mentaliteit van zoek-het-maar-zelf-uit met vouchers voor klasuitstappen en vouchers voor voedsel in plaats van georganiseerde sociale en publieke initiatieven. Er zal niets fundamenteel worden opgelost aan de onderwijscrisis en de wooncrisis. De sociale tegenstellingen in deze stad zullen blijven groeien.

Om die redenen zullen wij de aanpassing van de meerjarenbegroting niet goed keuren, net zo min als het budget 2015. Antwerpen verdient beter, de Antwerpenaren hebben sociale ambitie en vooruitgang nodig.

Interpellatie Peter Mertens, PVDA+ fractie, begroting 2015 en meerjarenbegroting, Gemeenteraad 24 november 2014.