2.13 Recht op cultuur, sport en verenigingsleven

2.13 Recht op cultuur, sport en verenigingsleven

Enquête

In onze enquête bij 4700 Antwerpenaren kruiste bij het thema ‘sport, ontspanning en cultuur’ 42 procent als belangrijkste verzuchting aan: ‘Minder betalen voor het gebruik van sportlocaties, bibliotheken, culturele en andere stadsdiensten’.

26 procent zag bij dit thema als eerste punt: ‘De stad moet meer werkingsmiddelen voorzien voor sport-, jeugd- en cultuurwerkingen’.

68 procent van de ondervraagden vindt dus dat de stad te weinig investeert in ‘sport, ontspanning en cultuur’ voor de man in de straat. Waardoor er te weinig werkingsmiddelen zijn of alles te duur wordt.

Vaststellingen 

1. Nadruk op prestigeprojecten en citymarketing.

De PVDA+ stelt vast dat de stad Antwerpen op het vlak van cultuur, sport en ontspanning de voorrang geeft aan grote prestigeprojecten en initiatieven. In het kader van de citymarketing van de stralende A werden grote evenementen met de Olifant en de Reuzen gerealiseerd. De PVDA+ vindt deze aanpak eenzijdig. Wij zijn natuurlijk niet tégen zulke evenementen. Ze brengen cultuur dichter bij de Antwerpenaar.

Maar het evenwicht – qua aanbod en financiële ondersteuning – tussen zulke massa-activiteiten en andere kleinere activiteiten in de buurt is dikwijls zoek.

Neem bijvoorbeeld Buurtsport. Zulke initiatieven zijn goed: met Buurtsport ‘de sport naar de burger brengen’. Lovenswaardig, alleen is Buurtsport slechts in tien van de vijftig wijken van Antwerpen actief.

Initiatieven zoals de ‘Zomer van Antwerpen’ of ‘Muziek in de wijk’ bereiken onvoldoende buurtbewoners omdat de plaatselijke verenigingen en organisaties onvoldoende bij het initiatief betrokken worden. 

2. Verhoogde tarieven.

Een tweede vaststelling is dat de stad de laatste jaren de prijs voor cultuur en sport verhoogd heeft en goedkope tarieven afschafte. In 2011 werden zeven wijkbibliotheken gesloten. Ook het jaarlijkse abonnement (nadien opgenomen in de A-kaart) steeg van 5 naar 9,5 euro voor een volwassene. De stad pakt uit met de nieuwe, moderne Permeke-bibliotheek. Maar de inwoners van verder gelegen wijken/districten geraken niet in die moderne bibliotheek terwijl hun wijkbibliotheek gesloten werd. Het stadsbestuur geeft als alternatief bibpunten: ‘Bibpunten zijn minibibliotheekjes met een klein aanbod aan kranten, tijdschriften en soms ook… boeken.’

Ook sporten werd voor de modale Antwerpenaar vaak duurder. Zo werd de toegangsprijs voor de zwembaden fors verhoogd. Tot 2010 betaalden jongeren 1 euro voor een ticket, een 12-beurten kaart kostte 10 euro. Voor volwassenen was dat respectievelijk 2 en 20 euro.. Nu betaal je als jongere 1,5 euro voor een ticket en 20 euro voor een 12-beurtenkaart. En voor een volwassene is dat 3 en 30 euro. Bovendien werd de leeftijdsgrens van het seniorentarief verlegd van 55 naar 65 jaar. Antwerpen investeerde ook niet in nieuwe zwembaden, hoewel daar nood aan is met onze groeiende bevolking.

3. Gebrek aan zalen.

De derde vaststelling is het nijpend gebrek aan voldoende zalen voor verenigingen en feesten. Voor verschillende organisaties en verenigingen is er geen geschikte en goed onderhouden accommodatie. In sommigen districten zijn er bijna geen feestzalen of vergaderzalen van de stad ter beschikking. Antwerpse verenigingen moeten dikwijls (te) diep in hun budget snijden om private (feest-)zalen te betalen. 

De visie van de PVDA+

Wij streven ernaar dat het beleid ervoor zorgt dat vrije tijd, sport en cultuur populair zijn in de werkelijke zin van het woord. Met toegang voor allen, met deelname van allen. Sport, cultuur en vrije tijd dragen bij tot een solidaire samenleving waarin mensen elkaar kennen en waarin ze hun talenten kunnen ontwikkelen. Veel talent wordt door de commerciële sector niet gewaardeerd. Wij pleiten voor een solidair, tolerant en gedifferentieerd sport-, cultuur- en verenigingsleven.

Op mensenmaat.

De PVDA+ onderstreept dat veel van het populaire vrijetijdsleven ‘op mensenmaat’, lokaal en toegankelijk georganiseerd is en draait op vrijwilligers: de plaatselijke sportclubs, wandelclubs, kunst- en muziekgroepen, jeugdbewegingen, theatergroepen, jeugdhuizen, seniorengroepen enzovoort. De overheid, ook die van de stad, erkent en ondersteunt dat veel te weinig. De stad beschouwt verenigingen te veel als ‘uitvoerders’ van het stedelijk beleid. Verhoudingsgewijs steekt ze er erg weinig in, vergeleken met de prestigeprojecten. De meeste van die initiatieven en verenigingen moeten op zoek naar geld via allerlei kaas- en wijnavonden, fuiven enzovoort. En zelfs dat wordt tegenwoordig moeilijk door het gebrek aan goede (reglementaire) zalen. De stad moet financieel meer bijspringen. Maar recente maatregelen hebben de financiële druk juist verhoogd. Er dreigt een verschraling van het aanbod door de financiële strop en de ‘reglementitis’. Het aanvragen van subsidies en logistieke ondersteuning zou duidelijk, eenduidig en laagdrempelig moeten zijn (zowel op papier als digitaal).

De diversiteit van het aanbod garanderen.

De stad en de Vlaamse overheid moeten de diversiteit van het aanbod blijven garanderen, door financiële

en praktische ondersteuning. Dan kunnen initiatieven opboksen tegen de druk van de commercie. Dat impliceert: de opwaardering van het vrijwilligersstatuut, meer support van ondersteunende organisaties die vormingen organiseren voor die vrijwilligers, vernieuwing van infrastructuur…

Verenigingen die werken aan ontmoeting en sociale cohesie moeten ondersteund worden.

Zeker sport- en cultuurinitiatieven met een specifieke missie naar moeilijk bereikbare doelgroepen moeten financieel en structureel beloond worden voor hun inspanningen: in maatschappelijk kwetsbare wijken, initiatieven voor mindervaliden of senioren die uit de boot vallen... 

De mogelijkheden bieden om sport, cultuur en vrije tijd te organiseren.

De stad moet de Antwerpenaren de middelen en mogelijkheden aanreiken om op hun niveau aan sport, cultuur en vrije tijd te kunnen doen, en dat indien nodig zelf te organiseren. Dat wil allereerst zeggen: infrastructuur voorzien (sportvelden, buurtcentra, zalen, lokalen voor de jeugdbeweging, vormingscentra, kampeerterreinen...).

Dat is een breuk met de trend van de laatste jaren: de stad heeft enkele sportgebouwen en cultuurinfrastructuur gesloten (de ijspiste in Deurne, wijkbibliotheken… ). Ook het wegvallen van de parochiezaaltjes heeft hier wellicht een groter gat geslagen dan gedacht. Het circuit van kleine muziekbandjes, fuiven en het specifieke populaire uitgaansleven daarbij is weggeconcurreerd door de commercie. Dat is ook waarom het nefast is resterende infrastructuur geheel of gedeeltelijk te privatiseren via publiek-private samenwerkingen…

Integratie van sport, cultuur en vrije tijd in het onderwijs.

Hoe jonger mensen met sporten beginnen, hoe langer zij doorgaans sportief actief blijven. En dat geldt ook voor cultuur. Daarom is het verstandig dat kinderen vanaf de basisschool kennismaken met sport en cultuur, niet alleen binnen de schooluren maar ook tijdens de middagpauze en na schooltijd. Dat is ook handig als alternatief voor opvang en studie, en niet duur. Hier en daar lopen al initiatieven, zoals Buurtsport. Ouders, kinderen en school zijn er heel tevreden over. Ook jeugdbewegingen kunnen met dit brede schoolconcept hun voordeel doen, alsook het verenigingsleven in de wijk. De stad moet het voorbeeld geven door deze visie van brede buurtscholen toe te passen op het stedelijk onderwijs.

De voorstellen van de PVDA+

  1. Meer investeringen in een vrije tijd op mensenmaat.

  2. Het vrijwilligersstatuut opwaarderen.

  3. Investeren in nieuwe zalen en voorzieningen voor het verenigingsleven. Geen privatisering van de bestaande infrastructuur.

  4. Schoolpleinen openstellen als sporten speelruimte.

  5. De samenwerking tussen scholen en sport- en cultuurverenigingen bevorderen.

  6. Gratis cultuurpas + sportpas voor jongeren.

  7. Recente tariefverhogingen terugschroeven.

  8. Heropenen van de zeven recent gesloten wijkbibliotheken.

  9. Stad moet eisen dat de hogere overheid de gebouwen van het deeltijds kunstonderwijs renoveert.

  10. Toegang tot de Antwerpse musea gratis voor de Antwerpenaren.

  11. Oprichten van een infoloket ‘sport, cultuur en ontspanning als aanvulling op de informatie via de cultuur- of sportantenne in het district. Het loket helpt verenigingen bij de organisatie van evenementen in de buurt en zoekt mee naar subsidiëring en voorziet gratis materiële ondersteuning vanuit de stad.

Vervolg:

2.14. Recht op mobiliteit

Je kan het hele programma downloaden in PDF formaat: klik hier


Schrijf als eerste een commentaar

Gelieve je mail te bekijken voor een link om je account te activeren.

Klaar om de bevraging voor jouw stad in te vullen?