2.11 Recht op een kindvriendelijke stad

2.11 Recht op een kindvriendelijke stad

Enquête

Welke verzuchtingen en verwachtingen leven er rond de kinderen in de stad? In onze enquête gaf bijna 40 pro- cent aan dat er meer aanbod van betaalbare opvang nodig is na de schooluren en tijdens de vakantie. Bijna 18 procent vraagt uitdrukkelijk naar meer stedelijke crèches, dichtbij huis. 23,2 procent pleit voor het behoud van de kinderboerderij in Wilrijk en 17,3 procent spreekt zich uit voor meer goed uitgeruste speeltuintjes. 

Vaststellingen

Antwerpen is een jonge stad.
Antwerpen leeft, Antwerpen verjongt. De stad telt bijna 77.000 kinderen onder de 12 jaar,dat is 15 procent van de bevolking. Maar de beleidsmakers komen hun verplichtingen ten aanzien van de jongste bewoners en hun ouders niet altijd naar behoren na. Wie kinderen heeft, kan ervan meespreken: de combinatie van een baan – of het zoeken ernaar – met de opvoeding van de kinderen en het zorgen voor kinderopvang en babysit loopt niet altijd van een leien dakje. Ondernemingen eisen meer flexibiliteit met almaar variabeler uurroosters, de ouders moeten dat zien te bolwerken. Jonge ouders moeten puzzelen om hun kinderen een betaalbare en goede zomervakantie te bezorgen.

Antwerpen heeft een tekort aan kinderopvang.
Eind 2011 telde Antwerpen 5593 kinderopvangplaatsen. Gemiddeld zijn er 23 plaatsen per 100 kinderen van 0 tot 3 jaar voor voorschoolse opvang in Antwerpen. Antwerpen zit zo tien procent onder het Europese streefcijfer van 33 plaatsen per honderd kinderen. Het gemiddelde van de centrumsteden ligt nochtans op die 33 procent.
Van zodra koppels zwanger worden, krijgen ze de raad zich op verschillende wachtlijsten in te schrij- ven. Dat bezorgt die toekomstige ouders niet alleen een hoop frustratie en onzekerheid – ‘Gaat mijn kind wel een plaats hebben?’ – maar ook veel onnodige administratieve rompslomp. Zes op de tien ouders die op zoek gaan naar formele opvang vinden er geen, zegt Kind en Gezin. Dat treft voornamelijk alleen- staande ouders, ouders zonder job en laaggeschoolde ouders.
De gemiddelde aanwezigheid van de ingeschreven kinderen in de kribben ging enkele jaren geleden van 75 naar 85 procent. Dat wil zeggen dat er dagelijks meer kinderen waren. Het bezorgde de kinderverzorg- sters, die al gebukt gingen onder een hoge werkdruk, meer stress.
Toch bleven de stedelijke kinderdagverblijven bogen op een zeer goede reputatie qua opvang en peda- gogische kwaliteit. Kinderopvang werd er niet enkel gezien als zuivere zorg: eten geven en pampers wis- selen. In de audit van 2006 stond nog: ‘De aandacht voor de kwaliteit van dienstverlening vertaalt zich niet alleen in kosten en openingsuren en -dagen, maar ook in intense begeleiding van baby’s en peuters: pe- dagogische activiteiten (stimulatie van de motoriek, taalgebruik, creativiteit...) dagelijkse observatie van de kinderen, bewaking en veiligheid garanderen op elk moment, continuïteit (met permanente aandacht voor en begeleiding van de kinderen...) In vergelijking met privé kinderdagverblijven gebeuren er meer observaties en pedagogische activiteiten (32 procent versus zeer beperkt in privé kinderdagverblijven).’
Ondertussen is de stedelijke kinderopvang overgeheveld naar een autonoom gemeentebedrijf. Sinds- dien is de bezettingsgraad verder opgetrokken naar 90 procent. Dat hoge gemiddelde betekent dat krib- ben regelmatig over hun maximumbezetting gaan. Zo kom je tot situaties dat één kinderverzorgster er alleen voor staat voor 14 baby’s!
Dat is: de bedrijfslogica gaat ten koste van de kwaliteit van de opvang. Vandaag stellen kinderverzorg- sters met hartzeer vast dat hun job degradeert tot bandwerk en dat er weinig ruimte blijft om kinderen extra aandacht te geven. Leidinggevenden hebben hun management ook al gewaarschuwd voor veilig- heidsrisico’s.

Gebrek aan speelvoorzieningen.
17 procent van de respondenten van onze enquête wil beter uitgeruste speeltuintjes. We zien deze nood bevestigd in andere cijfers: het rapport van de visitatiecommissie stedenfonds stelt dat slechts één op twee inwoners vindt dat er voldoende speelvoorzieningen zijn voor kinderen jonger dan 12 jaar.

Kinderboerderij door privatisering bedreigd.
23 procent van de respondenten wil dat de kinderboerderij van Wilrijk behouden blijft als stedelijke dienst en niet geprivatiseerd wordt. In de kinderboerderij verzorgen vier voltijdse werknemers een hele resem dieren. Ze ontvangen elk jaar 15.000 georganiseerde en 35.000 particuliere bezoekers. Rond de boerderij hangt een sociaal netwerk waardoor tientallen mensen met een handicap een zinvolle en begeleide taak kunnen uitvoeren. Het Antwerpse stadsbestuur vond het echter allemaal te kostelijk en besliste op het schepencollege van 2 juli 2010 dat er best kan bespaard worden op de kinderboerderij door ze ‘in con- cessie te geven’. Dat wil zeggen dat de stad op zoek ging naar een privé-investeerder om de zaak over te nemen. Na verzet van de PVDA+ tegen het besparingsplan van de coalitie werd de privatisering afgewend.

De visie van de PVDA+

Recht op kinderopvang.
Vandaag is het voorzien van kinderopvang geen obligate dienst. Je kan je als ouder nergens op beroe- pen indien je er geen vindt. De PVDA is voor het recht op voorschoolse en buitenschoolse kinderopvang, goedkoop en dichtbij huis. Niet alleen voor de ouders, om werk en gezin te combineren, maar ook voor het kind. Het is ondertussen algemeen aanvaard dat kinderopvang positieve impulsen geeft aan de ontwik- keling van het kind. Vanaf de geboorte heeft het kind behoefte aan voldoende gevarieerd contact om zich tijdens de eerste levensmaanden en -jaren te leren aanpassen aan de omgeving. ‘Externe opvoeding’ is een positieve pedagogische bron voor de ontwikkeling van het kind.

 De PVDA wil het gebrek aan opvang aanpakken vanuit een publieke visie: door het op korte termijn cre- eren van 5000 extra plaatsen van de stad Antwerpen. Daarmee zou er al plaats zijn voor 1 op 2 kinderen. Stadscrèches hebben ook voordelen tegenover privécrèches.

  • Ze worden ingeplant in functie van de noden in bepaalde wijken en districten.
  • Ze hanteren de democratische prijzen van Kind en Gezin, in verhouding tot het inkomen.
  • De stadscrèches volgen ook per definitie de kwaliteitsnormen van Kind en Gezin. Om in de erkende en gecontroleerde kinderopvang te werken, moet je voldoende opgeleid zijn en blijven.

Meer stedelijke crèches levert ook nieuwe, kwalitatief goede jobs op.
Alle ouders, ongeacht hun inkomen, of ze werken of niet, moeten hun kinderen naar betaalbare, goede kinderopvang kunnen sturen. Geen specifiek voorrangsbeleid voor werkende mensen, al dan niet met een laag loon. Mensen met een uitkering moeten hun kinderen ook naar een kinderdagverblijf kunnen brengen. En tweeverdieners mogen niet geduwd worden naar de dure privé-opvang.

Recht op speelruimte.
Al spelend leren kinderen niet alleen motorische maar ook sociale vaardigheden. In de stad groeien veel kinderen op in appartementen of kleine woningen zonder tuin. Dan is het belangrijk dat ze kosteloos, dicht- bij huis kunnen spelen. Zo maken zij vriendjes in de buurt en het versterkt de band tussen de buurt en de kinderen. Daarom zou er voor elk kind in elke buurt op minder dan 300 meter een speelruimte moeten zijn.
Om die speelruimte te creëren kan de stad ook creatief zijn, ze moet niet overal speelruimtes ‘bouwen’. Het kan bijvoorbeeld ook door buurtscholen in het weekend open te stellen.
Speelruimte creëren is de eerste stap, een degelijk onderhoud ervan is de tweede stap en ook die is nodig.
Er moeten ook meer goed uitgeruste speeltuinen/ruimtes komen naar het voorbeeld van Park Spoor Noord of het Nachtegalenpark. Het overdekken van de ring zou veel mogelijkheden geven aan de stad voor extra speelruimte, en wel voor de kinderen die nu in de minst groene districten wonen: Borgerhout, Berchem en Antwerpen.

Behoud van de kinderboerderij.
De Wilrijkse kinderboerderij is de enige in Antwerpen en zij is uniek. Wie er met de kinderen of kleinkinderen een dag op uit wil, komt snel in het duurdere, commerciële circuit terecht (de Zoo, Metropolis, pretparken). De kinderboerderij is een fantastisch initiatief: stadskinderen kunnen er spelen en leren over de boerderij. De toegang is gratis, wat zorgt voor een heel divers bezoekerspubliek. Dankzij acties van de vrijwilligers van de kinderboerderij en de PVDA-werking in Wilrijk is de privatisering voorlopig afgewenteld.

De voorstellen van PVDA+

  1. 5000 extra plaatsen in stedelijke crèches, extra plaatsen in de buitenschoolse opvang.

  2. Nieuwe speelruimtes op maximum 300m afstand, openstelling van beschikbare ruimtes als speelruimte in het weekend en tijdens schoolvakanties.

  3. Het behoud van de kinderboerderij als stedelijke dienst.

 

Vervolg:

2.12. Recht op jong zijn in de stad

Je kan het hele programma downloaden in PDF formaat: klik hier


Schrijf als eerste een commentaar

Gelieve je mail te bekijken voor een link om je account te activeren.

Klaar om de bevraging voor jouw stad in te vullen?